Stage in Fatima

Een gezellige maaltijd in Nazaré (beroemd surfoord) samen met Sensei Armando en zijn vrouw Carla.

Stage in Müllheim - november 2014

Enkele bekenden uit Honbu Dojo en enkele vrienden. België (Limburg eigenlijk) was goed vertegenwoordigd !

 

Nu veel karatekas oefenen in een sportzaal en naast basket, volley, of nog andere sporten hun karate trainen ,gaat dikwijls de diepere waarde van de dojo verloren. In veel nieuwere sporthallen wordt ernaar gestreefd om een aparte ruimte te voorzien voor budodisciplines zoals judo , karate, aikido, ju jitsu e.d., omdat men voelt dat er iets bijzonders mee gemoeid is. Dikwijls, zelfs als men een budoruimte verkrijgt, wordt er onderling nog getwist hoe de sfeer van de dojo moet worden opgevat. Men wil een eigen ruimte, waar de specifieke sfeer van zijn budodiscipline heerst.

Maar, wat is dan die sfeer, die eigenheid, die men aan zijn "sport" wil toekennen?

We trachten hier een positieve beeldvorming te schetsen die aan de do Jo een gemeenschappelijke waarde geeft gebaseerd op de Japanse traditie en aangepast aan de Westerse leefgewoontes. Reeds bij de betekenis van het woord "DOJO" vinden we een redelijke verklaring. De DOJO : is zeker een oefenplaats waar fysiek wordt getraind en een zekere associatie bestaat met gevechtskunsten, maar ook in de Shintoreligie, in de Reiki ,de Zenbeoefening en yoga wordt gesproken van de DOJO.

Hier kunnen we een betere verklaring vinden in de betekenis van het Japanse geschrift : De DO-JO is de "plaats van de weg ". Niet het begin of het einddoel; maar wel de reis, het onderweg zijn, het beleven van iets. Het bezig zijn met iets waaraan men zijn volledige aandacht geeft en daarbij niet denkt aan, of bezig is met andere dingen dan "datgene".

Hier moeten we even stilstaan bij het begrip :"BUDO"  of de "weg van de krijgskunst". De budoka is iemand die door het beoefenen van krijgskunsten zijn leven wil instellen en veranderen om zichzelf te verbeteren als persoon en wil groeien boven het gewone. Niet met de pretentie om beter of hoger te staan dan de anderen, maar wel om andere inzichten en capaciteiten te verwerven die hem dichter brengen bij "zichzelf" en zijn "omgeving" in alle bescheidenheid. In de oude betekenis stond dit voor hogere waakzaamheid, omgevingsbewustzijn, vitale capaciteit, of fysieke energie diepere concentratie en geestelijke ingesteldheid. Hier zitten we dichter bij de geestelijke aspecten van de DOJO, die we ook bij ZEN en SHINTO terugvinden.

Dus door de beoefening van karate of judo of wat ook, zijn binnenste Zelf weten te vinden en te ontplooien. Dit is dus iets anders dan sport te beoefenen voor het spel, ontspanning, te vermageren of een betere conditie te krijgen. Het hoort er wel bij, maar is niet het hoofddoel.

Als we in dit perspectief de DOJO bekijken begrijpen we ook beter dat we een zekere eerbied vertonen voor deze plaats en zeker zorgen dat deze plaats zuiver blijft. Vandaar dat ook een ingesteldheid vereist is om aan deze voorwaarden te voldoen. Rei-Shiki : het groeten, of het buigen voordat men de DOJO binnentreedt. Hierdoor betuigt men zijn respect voor de ruimte en de sfeer door een  inwendige attitude die getoond wordt door de uitwendige groet. Er ontstaat als het ware een verbinding tussen de persoon en de ruimte die men gaat benutten. Men ontdoet zich van zijn schoenen (zoori) en schikt ze ordelijk, weer klaar voor het vertrek. Men beroert de vloer met Jong Quan (het eerste nierpunt) dat zich bevindt tussen de ballen van de voet en de aarde-energie opneemt in de nieren. Men aanvaardt het onderricht van de Sensei en de geest van de school en betuigt zijn bereidheid om te leren en te ontwikkelen in deze richting. Met deze ingesteldheid krijgt de ruimte een andere betekenis, waardoor de beoefenaar in de sfeer komt en de optimale condities krijgt om zijn weg te starten of verder te zetten.

In de Honbu dojo  trachten we deze traditie op een spontane wijze verder te zetten en een goede atmosfeer te scheppen tussen de Ryu, de DOJO, de Sensei en de beoefenaar ... Maar hierover later.

Dirk Heene

De WKSA ( World karate Shotokan Academy ) ontstond in 1989 onder leiding van T . Kase, grondlegger van het Shotokan Karate in Europa.

Deze groep richtte zich vooral naar een groep karatebeoefenaars boven de 30 en minstens derde dan. .Als richtlijn wordt de traditionele Shotokan stijl gevolgd volgens G.Funakoshi en zijn zoon Yoshitaka. De akademie poogt nieuwe tendensen en bevindingen van de bewegingsleer en de sportagogiek te koppelen aan de traditionele stijl en deze aspecten te actualiseren. Het beeld van de vrijheid, internationale samenwerking humane kracht en ontwikkeling zijn de pilaren van de organisatie.

Toen Sensei Kase in 2004 overleed, besloten 6 mensen deze traditie verder te zetten …

  • Dirk Heene 7 dan ( Vlaanderen )
  • Velibor Dimitrijeviç 7dan (Serbia)
  • Jim Martin 7 dan ( Scotland)
  • Mike Fedyk 6 dan ( England)
  • Pascal Lecourt 6 dan ( France )
  • Pascal Petrella 6 dan ( Deutschland )

De vreugde en het genoegen om op deze wijze verder te ontwikkelen zijn danks ons eigen inzicht en de visie van Sensei Kase.

Dirk Heene

Sensei Kase & Sensei Dirk Heene

Finse karatebeoefenaar reeds 7 jaar actief in karateclub HONBU DOJO te Kuringen

Antti  Kovalainen was een jonge knaap van tien toen hij met karate startte in het Finse Kajaani. Zijn trainer Jarmo verbleef vier maanden in Hasselt in 1992 en verbleef in de Honbu Dojo. België was ,en is nu nog steeds, een uitstekende uitvalsbasis voor karatetrainingen in Europa.

Later werd de lesgever (Dirk Heene) van de Hasseltse club regelmatig uitgenodigd en er ontstond een hechte band tussen het Finse karate en Hasselt. Ieder jaar trok een groep uit België naar het Noorden voor een Kesaleiri (zomerkursus) met prachtige trekkings en kanotochten door de natuurreservaten.

Op deze kursussen was Antti een vaste klant en groeide ook de vriendschap tussen de internationale deelnemers. Zo besloot Antti om, net zoals zijn trainer, om ook naar België te komen en hier zijn toekomst op te bouwen. In het karate kwam hij goed aan zijn trekken en ging hij mee op vele internationale stages. Dagelijks was hij in de oefenzaal en trainde samen met of onder leiding van Dirk.

Hij werd een graag geziene gast op vele internationale stages en behaalde zijn vierde dan. Met zijn 31 jaren is hij een van de jongste karatebeoefenaars met deze graad.

Bijscholingen voor Nederlands brachten hem dichter bij de mogelijkheden om hier te blijven. Hij is nu een van de trainers in de Hasseltse Honbudojo en vond stabiel werk als mekanieker in een Zonhovens metaalbedrijf.

In April is hij zeven jaar bij ons en komt dagelijks trainen,lesgeven, of...een pintje drinken in de club. Hij geeft les in de Honbu Dojo, iedere zaterdag om 10.30 uur in de Herkenrodebosstraat 40 te Kuringen, of op woensdag om 19.30 uur in de sporthal van Lummen.

 

Voordat we duidelijkheid krijgen in het verschil en de relatie tussen Qi Gong en Karate is het belangrijk om enkele basisgedachten te ordenen.

Qi Gong is een bewegingsdiscipline die gericht is om het CHI-verloop te verbeteren en de eenheid van zichzelf met het heelal. De filosofie is gericht op harmonie en gebaseerd op het TAOÏSME en vindt zijn oorsprong in CHINA.

Karate is een bewegingsdiscipline die gericht is op zelfverdediging, verbetering van fysieke vermogens en mentale kracht. De filosofie is gericht op weerbaarheid en richt zich naar gevechtstechnieken die hun oorsprong vinden in OKINAWA en JAPAN.

Taoïsme: Het middelpunt van het taoïsme wordt gevormd door de IDEE van de twee krachten in de natuur die zich onophoudelijk met elkaar verbinden en elkaar in evenwicht houden YIN en YANG. De voortdurende confrontatie van deze beide krachten brengt al het leven teweeg, dat zich manifesteert in tegenstellingen. TAO, als hoogste beginsel, sluit deze beide krachten in en daarmee het gehele bonte resultaat van hun spel … dag en nacht … beweging en rust, goed en kwaad, het schone en het lelijke, leven en dood…

Alles wat zich manifesteert kunnen we benoemen, maar wat aan de manifestatie voorafgaat, onttrekt zich aan onze waarneming en aan ons vermogen te benoemen of tot begrip te maken en dus aan woorden en aan taal …

Lao Tse noemt het TAO, maar het is iets wat alle begrip te boven gaat. Het is de verbintenis van Hemel en Aarde in de mens; het is “DE WEG” of zoals in het Japans “DO” … datgene wat aan alles voorafgaat en waarin alles terugkeert. … het heelal …HEEL – AL … Het is het ’t een en ’t ander

begripsteken TAO

Begripsteken TAO - China

CHINA

begripsteken DO

Begripsteken DO - Japan

JAPAN

Gedicht van CHUAN TSE

“Noch woorden noch stilte

kunnen de volmaaktheid van TAO

en de volmaaktheid van de dingen benadrukken.

Niet meer spreken, niet meer stil zijn,

dat is de zuiverste vorm van gesprek.”

 

De wortels van QI Gong bevinden zich in het oude CHINA van de Gele Keizer, eeuwen voor onze tijdrekening.

Door allerlei middelen verzocht men langer te leven en te genieten van welzijn door gezondheid en beweeglijkheid. Door voeding, geneesmiddelen, kennis van meridianen en drukpunten, maar ook door lichamelijke oefeningen probeerde men dit doel te bereiken. Wetenschappers, geleerden, wijzen en filosofen (zoals Lao Tse) richtten zich op deze gedachte.

Vooral monniken, die dit voor hun meditatie nodig hadden; maar ook boeren en krijgers gebruikten fysieke bewegingen om hun levenswijze te versterken.

Door vloeiende oefeningen, rustig ademend, en regelmatigheid verzocht men de levenskracht (CHI) te onderhouden en te versterken.

Verschillende oefenvormen ontwikkelden zich en werden geleidelijk vastgelegd en overgeleverd.

Rond het jaar 500 ontstonden kloosters met specifieke Qi Gong-vormen (SHAOLIN; WUDANG CHA). Hieruit ontstonden de latere gevechtsvormen of KATA’s.

De oefeningen bleven zuiver vloeiend en rustig met als doel CHI te laten vloeien en te verrijken. Soms werden sequenties toegevoegd om fysieke kracht en lenigheid te verbeteren, meer gericht op arbeid (boeren, werklieden). Ook werden gevechtsbewegingen en vaardigheden toegevoegd om de bekwaamheid van de krijgers en de strategie te ondersteunen.

Zo evolueerde Qi Gong en kwam in verschillende KUNG-FU-scholen terecht. Iedere Kung Fu (harde oefening) school voegde nog bewegingen toe en zo ontstonden verschillende vormen en stijlen.

De basisvorm bestond uit 18 bewegingen. Men voegde soms 6 bewegingen toe 18 + 6 = 24 (NIJUSHIHO), soms 18 + 18 + 18 = 54 (GOJUSHIHO).

Door handelsbetrekkingen tussen CHINA en OKINAWA, en door emigratie van Chinese kooplui kwamen ook cultuur en gevechtstechnieken in OKINAWA terecht.

Door een mengeling van Chinese gevechtstechnieken, heilgymnastiek en lokale wapenkunst, ontstond het SHORINJI RYU (verzamelnaam van het karate in OKINAWA).

Funakoshi Gichin bracht deze gevechtstechniek naar Japan rond 1922 en noemde het TO-TE-JITSU (handtechniekverdediging van OKINAWA) en schreef zijn eerste boek RENTAN-GOSHIN;

Door de oorlog tussen JAPAN en CHINA in de jaren na 1930 en het groeiende militaire regime verdween iedere culturele betrekking met China en zeker de Qi Gong-vormen in het karate. De langzame bewegingen in de kata’s werden behouden, maar verloren hun energetische betekenis. Zelfs Funakoshi veranderde in 1936 de Chinese benamingen in het Japans.

PIN-AN = HEI-AN

KUSHANKU = KANKU DAI

WANSHU = EMPI

CHINTO = GANKAKU

NAIHANCHI = TEKKI

SHOKYO = JI’IN

In 1949 (toen de JKA werd gesticht) ontstond de Chinese Volksrepubliek onder MAO en werden oude Chinese oefenvormen, waaronder Qi Gong, terug aangewakkerd.

Toen China na Mao zijn grenzen meer opende kwam ook het Qi Gong in zijn essentie meer naar buiten … zowel als heilgymnastiek, als gevechtssport.

Zo ontdekte men de connecties tussen de langzame sequenties in de karate-kata’s en de energetische oefeningen uit het Qi Gong.

Ervaren karate-meesters gingen Qi Gong beoefenen en omgekeerd. Oude verbanden en betrokkenheid tot de meridianen en vitale punten werden hersteld en de kennis van de oude betekenis weer blootgelegd. We kunnen hier werkelijk spreken van een “VERLICHTING” in de krijgskunsten en een verruiming van de GEEST en het beoefenen ervan.